• De monumentale watertoren behoort de fraaiste in Nederland gebouwde watertorens en is beeldbepalend in Oud-IJmuiden.

    Willem Moojen
  • De toren heeft een uitkragende bovenbouw met erkers en op het dak een windwijzer.

    Willem Moojen
  • Boven de toegangsdeur met neo-klassieke omlijsting een fronton met het jaartal 1915.

    Willem Moojen

Beeldbepalend in IJmuiden: Een van de fraaiste watertorens in Nederland

IJMUIDEN 'Gedenkwaardigheden' is een serie waarin een aantal monumenten in Velsen voor het voetlicht komt. Deze achtste aflevering, een tweeluik, gaat over de monumentale watertoren aan de Evertsenstraat in IJmuiden, sinds 2001 een Rijksmonument.

Voor veel IJmuidenaren is het de gewoonste zaak van de wereld, maar wie niet bekend is in de stad aan de Poort van de IJmond staat toch wel vreemd te kijken als je zomaar oog in oog staat met een ruim 42 meter hoge watertoren midden in IJmuiden. Sterker nog, de toren die majestueus boven de stad uit torent, is van veel kanten al van verre zichtbaar en heeft voor IJmuiden een beeldbepalend karakter. De watertoren die lang niet werd gebruikt en onderhavig was aan vandalisme en brandstichting raakte in verval. Tussen 2010 en 2012 werd de watertoren volledig gerenoveerd en omgetoverd tot een fraai wooncomplex met 11 appartementen.

UIT DE SLOOT Veel water werd zo'n 200 jaar geleden in Nederland gewoon uit grachten of de sloot gehaald en was zwaar vervuild doordat vaak een riolering erop uitkwam. Wie een simpele handpomp bezat haalde het uit de grond. Als het water werd opgepompt van een flinke diepte had je kans dat het betrekkelijk goed gezuiverd was, maar vlak aan de oppervlakte was het water ook uit de grond zeker niet van de beste kwaliteit. Regenwater was een oplossing. Een waterleidingnet bestond nog niet, vandaar dat er vaak tyfus en cholera epidemieën uitbraken. Daar kwam in 1853 verandering in met de aanleg van de eerste Nederlandse waterleiding. De site IsGeschiedenis vermeld dat de conservatieve Amsterdamse politicus Jacob van Lennep (1802-1868) hiervoor verantwoordelijk was. Het verhaal gaat dat hij tijdens een verblijf omstreeks 1845 op zijn buitenverblijf in de duinen nabij Haarlem een glas water van zijn vrouw kreeg en op dat moment bedacht dat dit water vanuit de duinen naar Amsterdam vervoerd moest worden. Het zoetwater was van zeer goede kwaliteit omdat het al van oudsher in de duinen op natuurlijke wijze gezuiverd werd. Dit duinengebied niet ver van Haarlem tussen Zandvoort en Langevelderslag (gemeente Noordwijk) heet nog steeds (Amsterdamse) Waterleidingduinen. Jacob van Lennep was echter niet de eerste die het plan opperde om water uit de duinen te transporteren, die eer komt toe aan bouwkundige Cornelis Lanckamp uit Haarlem die al in 1816 een plan had ingediend voor de drinkwatervoorziening in Amsterdam. Maar de toenmalige bestuurders liepen niet warm voor zijn plan.

EMMER WATER VOOR 1 CENT Het plan om zo'n waterleiding vanuit de duinen naar Amsterdam aan te leggen bestond al van rond 1840, maar was het moeilijk investeerders te vinden om het financieel rond te krijgen. Dankzij contacten in Engeland van Van Lennep durfde een Engels waterleidingbedrijf het aan de eerste waterleiding aan te leggen in Nederland. Hier uit voort kwam de Amsterdamsche Duinwater-Maatschappij (1851-1896). Het was de voorloper van Gemeentewaterleidingen in Amsterdam, het latere Waternet. Bij Stichting Waternet dat op 1 januari 2006 werd opgericht zijn onder andere ondergebracht de Dienst Waterbeheer en Riolering en Waterleidingbedrijf Amsterdam. Via een 3,5 km lang kanaal, de nodige zandfilters en een aangelegd buizensysteem van 23 km werd bij een pompstation bij Vogelenzand water uit de duinen opgepompt en via gietijzeren leidingen naar de Willemspoort in Amsterdam geleid. De eerste Nederlandse waterleiding was een feit en vanaf december 1853 een emmer water in het centrum van Amsterdam verkocht voor 1 cent. Dit natuurlijk alleen voor de beter gesitueerden, want 1 cent in die tijd betekende voor armlastige nog altijd een vermogen. Het leidingnet werd geleidelijk uitgebouwd, maar aansluiting op dit net was slechts voor mensen die dit konden veroorloven.

EIGEN WATERLEIDING Na Amsterdam was Den Helder in 1856 de tweede stad die de beschikking kreeg over een eigen waterleiding, gevolgd in 1868 door Haarlem. Maar deze stad kreeg zijn water via Gemeente Waterleidingen in Amsterdam en zou pas in 1898 een eigen leiding krijgen. Alkmaar in 1885 en Zaandam in 1886 volgde snel.

Willem Moojen